Als je later boer wil worden

Gepubliceerd op 13 juni 2019 20:33

Vandaag stuurde het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt een brandbrief aan de minister van Landbouw, mevrouw Schouten. Het is bijna een noodkreet van jonge boeren, een schreeuw om verandering en een roep om hulp. De jonge boeren vragen van de minister slechts twee dingen: bewegingsruimte en vertrouwen in de toekomst. Boer worden of een boerderij overnemen is anno 2019 niet meer zo eenvoudig. Ook ik krijg vaker de vraag of ik het bedrijf niet over ga nemen. Dit bedrijf verloren laten gaat, is eeuwig zonde, is iets dat ik dan vaak hoor. Ja, het is erg dat ik degene ben die er voor zorg dat dit jarenlange familiebedrijf hier eindigt. En dat is niet omdat ik dat niet zou willen, maar dat de overname meer is dan alleen koeien melken. Het is een complex, multidisciplinair levenswerk, waar je eigenlijk nooit klaar voor bent om aan te beginnen.

 

"Wanneer je het bedrijf overneemt, heb je een hyptheek van een miljoen, een beneden gemiddeld inkomen en een werkweek met 24/7 oproepdienst."  

 

Ik vergelijk dit met een marathon rennen, zonder training, zonder kennis en zonder aanmoedigend publiek, je hebt van te voren niet gegeten, en men verwacht dat je het wereldrecord gaat verbeteren. Hoe denkt de overheid dat jonge boeren een hypotheek van (vaak meer dan) een miljoen ga overnemen? Als ik vandaag de dag de bank binnenstap voor een lening, word ik uitgelachen. Starters op de markt, daar is niet echt iets voor weggelegd. 

 

"Wij snappen dat de melkveehouderij in beweging moet zijn. Daar zijn wij behoorlijk proactief in: denk aan het behouden van weidegang, antibioticareductie en zo willen we ook aan de slag met grondgebondenheid en stikstofefficiëntie."

 

Jonge boeren hebben een andere, vernieuwde en verfrissende kijk op de sector. De nieuwe boeren zijn niet alleen maar mensen die toevallig een boerenbedrijf in de schoot geworpen krijgen. Het zijn veelal HBO-afgestudeerden, die weten waar ze in hun vakgebied mee bezig zijn. Dat betekent dat ze vernieuwing en verbetering in de sector willen toepassen, waar de sector, de dieren én de mens profijt van heeft.  Maar vernieuwing kost tijd en geld, tijd wordt ze/ons niet gegund, en geld wordt er niet vrijgemaakt. Dus ik vraag me af, hoe kan de melkveehouderij voldoen aan alle strenge eisen die gesteld worden en daarnaast ook nog nog doelstellingen halen met betrekking tot duurzaamheid, dierenwelzijn en noem maar op?

 

"Te midden van een bank, de melkfabriek, de overheid en het maatschappelijke debat wordt er aan alle kanten aan ons getrokken: we moeten aflossen, voldoen aan steeds weer nieuwe en hogere kwaliteitseisen, werken richting een visie die nog zo onzeker is, het biodiversiteitsvraagstuk oplossen en het klimaat redden. En dat moet bij voorkeur allemaal tegelijk, liever nog gisteren dan vandaag."

 

Het had niet beter omschreven kunnen worden. Caspar, mijn broer, omschreef deze week een niet goed voorbereide situatie op zijn werk in 'boerderijtaal'. Het was als volgt: Stel je voor dat we het de dinsdag voordat de koeien naar buiten gaan zitten. De hele loods moet nog opgeruimd, het cowboydorp nog gebouwd en eigenlijk willen we de koeien een dag eerder naar buiten doen dan van te voren gepland. Vervolgens gaat een van ons op vakantie en belt van daaruit dat de werkplaats ook nog opgeruimd moet worden. Ik heb dubbel gelegen van het lachen, maar dit omschrijft de situatie wat de overheid van jonge boeren verwacht perfect. Alles moet perfect, zo snel mogelijk en overal rekening mee houdend. Maar ondertussen is er nauwelijks hulp, en wordt de voortgang van de bedrijven op allerlei vlakken belemmerd. Het dierenactivisme is trending, het fosfaatrechtenstelsel wordt aangepast en bepaalde verbeteringen kunnen gewoonweg door strijd met de Nederlandse wetgeving niet doorgevoerd worden. 

 

Efficiënt werken, maar duurzaam blijven. Methaanuitstoot verlagen, maar wel zoveel mogelijk weidegang. Het zijn slechts voorbeelden, van tegenstrijdigheden in de eisen aan boerenbedrijven. Eisen waardoor boeren voortdurend op hun tenen lopen en watertrappelen en de balans daarin vinden is als zoeken naar een speld in een hooiberg (en geloof me, een speld zoeken in een geperst pak van een paar 100 kg vind je niet zo makkelijk). Vorig jaar werd er vanuit de EU 16 miljoen euro vrijgemaakt om jonge boeren enthousiast te maken voor de sector. Ik ben benieuwd of er ondertussen van dit geld al iets nuttig besteed is, waardoor (wij) jonge boeren een melkveebedrijf kunnen runnen, zonder de meest moeilijke vraagstukken ter wereld te moeten oplossen.

 

"Geef ons de ruimte om de melkveehouderij te ontwikkelen, zodat we in zoveel opzichten de oplossing kunnen zijn in plaats van het probleem. Want als we de positieve energie kwijtraken, dan wordt het niks met kringloopvisie, niks met de biodiversiteit en de klimaatopgaven, en het allerbelangrijkste, ons voedsel. "

 

Bewegingsruimte en vertrouwen in de toekomst, het lijkt zo simpel. Ik ben benieuwd naar de reactie van mevrouw Schouten op deze brief. Een noodkreet, van een grote groep mensen die het beste voorhebben en die de burgers van hun bijzondere product willen voorzien. Want zonder boeren, gaat de wereld het pas écht moeilijk krijgen.

 

Dikgedrukte tekst zijn citaten uit de brief van het NAJK. De volledige brief is de lezen via deze link:

https://www.najk.nl/wp-content/uploads/2019/06/06-03-02-3332NB-Brandbrief-over-situatie-in-de-melkveehouderij.pdf

 

 


« 

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.